Advertisement
   Doorzoek de site
   
1: Home2: Biografie3: Onderwijs4: Werk en economie5: Middenstand6: Opinie7: Kalender8: Foto's9: Contact

‘Dromen mag, werken moet’ Afdrukken E-mail
08/07/2011

Afstand tussen jobs en werkzoekenden nergens zo groot als in Antwerpen en de arbeidsmarkt kan de toestroom nieuwkomers maar moeizaam verwerken. Antwerpen heeft het lastig met bruggen. De ‘Lange Wapper’ komt er nooit. En er is nog een brug die maar heel moeizaam gebouwd raakt. De kloof tussen de ruim 30.000 werkzoekenden en de ruim 5.000 openstaande jobs lijkt nog breder en dieper dan de Schelde. In de Antwerpse regio heb je niet minder dan 80 begeleidingsinstellingen. Dat is toch wat veel. De Tijd ging in gesprek met Dirk Bulteel, directeur Voka-Antwerpen.

Consulente Inge geeft een 36-jarige Palestijnse tips over plekken waar ze een stageplaats kan krijgen. De vrouw verblijft sinds twee jaar in ons land. Maar met haar twee universitaire diploma's en haar al voortreffelijke Nederlands is ze zeker niet representatief voor de klanten die Inge meestal aan haar bureau ontvangt. 'De meesten spreken amper Nederlands. Velen hebben nooit gewerkt. Ze kampen vaak nog met andere problemen, zoals een slechte huisvesting of traumatische ervaringen.' In hetzelfde lokaal zit nog een zevental collega's van de dienst 'Inwerking' van de VDAB soortgelijke gesprekken te voeren. Verderop in de gang liggen de leslokalen. Behalve Oceanië lijkt elk continent vertegenwoordigd te zijn onder de cursisten. Als de Antwerpse arbeidsmarkt een frontlijn heeft, dan ligt die hier.

Eind juni had de VDAB in de stad Antwerpen 5.360 vacatures openstaan. Dat is iets minder dan het record van mei, maar nog altijd erg veel. Nu de crisis verteerd is, speelt de haven opnieuw haar rol als motor van de Vlaamse economie. Een derde van alle Vlaamse investeringen ging vorig jaar naar de Antwerpse regio.

Tegelijk telt de stad 31.000 werkzoekenden. De werkloosheidsgraad van 14,2 procent is het dubbele van het Vlaamse gemiddelde. En in tegenstelling tot de rest van Vlaanderen is de werkloosheid in de Scheldestad het afgelopen jaar amper gedaald.

Een blik op het profiel van die 31.000 werklozen leert al veel over de oorzaken van die paradox. Meer dan 80 procent behoort tot een kansengroep. Ze zijn laag- of niet geschoold, allochtoon, 50-plusser en/of arbeidsgehandicapt. De allochtonen zijn op zich al goed voor de helft van alle werkzoekenden. Bovendien groeit die groep door de forse inwijking snel aan. Vorig jaar vestigden zich ruim 11.000 nieuwkomers met een vreemde nationaliteit in de stad. Dat komt neer op een bijna-verdubbeling in twee jaar tijd.

De dienst 'Inwerking' richt zich op de allerzwaksten uit die groep, de mensen die niet of nauwelijks Nederlands spreken, zegt diensthoofd Patrick Vercruysse. Dat zijn vooral nieuwkomers, maar er zijn ook 'oudkomers' bij die hier al jaren verblijven. Met elementaire taallessen en een cursus loopbaanoriëntatie tracht men die mensen klaar te stomen, zodat ze tenminste meekunnen in het 'reguliere' opleidingscircuit. Al bij al zijn de resultaten niet slecht, zegt de VDAB-verantwoordelijke. 47 procent van de mensen die vorig jaar in zijn dienst een begeleidingstraject beëindigden, stroomde door naar werk. In de eerste drie maanden van dit jaar is dat al opgelopen tot 66 procent. 'Het is misschien jammer dat er eerst krapte moest zijn om die mensen een kans te bieden. Maar dat is nu eenmaal de economische realiteit.'

Centraal Station

De Antwerpse VDAB zit in een groot kantorencomplex midden in de multiculturele wijk achter het Centraal Station. Om de werkgeversstem te horen moeten we een dikke kilometer verderop zijn, waar Voka-Antwerpen een mooi historisch pand betrekt in de Antwerpse binnenstad. Volgens directeur Dirk Bulteel en arbeidsmarktexperte Kris Vanherpe heeft de 'mismatch' op de Antwerpse arbeidsmarkt in elk geval weinig met discriminatie te maken. Vanherpe: 'De bedrijven maken op grote schaal gebruik van Jobpunt, ons eigen aanwervingskanaal voor de kansengroepen. Maar wij waken dan ook strikt over de kwaliteit van onze doorverwijzingen.' Bij de VDAB is er op dat vlak toch nog sprake van een 'verbeteringsmarge', laat ze fijntjes verstaan.

De Voka-mensen zien twee grote redenen waarom vacatures en werkzoekenden elkaar zo moeizaam vinden. Vooreerst is er het mobiliteitsprobleem. De meeste jobs vind je in de haven en de industrieterreinen in de randgemeenten. Zonder eigen wagen is het vaak moeilijk om daar te geraken. Maar de gebrekkige scholing is zonder twijfel de grootste struikelsteen. Heel veel jongeren, en zeker de allochtonen, maken verkeerde studiekeuzes. Vanherpe: 'In Hoboken is er een richting kantoor waar alleen allochtonen zitten', zegt Vanherpe. 'Die richting biedt nauwelijks perspectieven. Tegelijk hebben verschillende technische scholen hun deuren moeten sluiten omdat ze een gebrek aan leerlingen hadden. En dat terwijl onze bedrijven schreeuwen om die technische profielen.'

Bulteel: 'Ik ken een producent van koelsystemen die geen publiciteit meer maakt voor zijn producten. Met het huidige personeel kunnen ze niet meer omzet aan. En nieuwe mensen vinden lukt niet.'

Links en rechts worden nu wel initiatieven genomen om het tij te keren, maar dat gebeurt vaak op nogal versnipperde manier. 'In de Antwerpse regio heb je niet minder dan 80 begeleidings- en opleidingsinstellingen', legt Bulteel uit. 'Dat is toch wat veel, al moet ik erkennen dat de kleine organisaties met hun fichebak hun klanten vaak beter kennen dan de VDAB met zijn grote computer.'

Ook de VDAB werkt vaak te versnipperd en te vrijblijvend, klinkt het. Vanherpe: 'Daardoor slagen sommige werkzoekenden erin jaren ongestoord in heel dat begeleidings- en opleidingscircuit te zitten.'

beroepsonderwijs

Weer een kilometer verder huist de Antwerpse schepen van Onderwijs, Werk en Economie, Robert Voorhamme, in een nog historischer pand aan de Grote Markt. De sp.a-schepen vindt dat ook voor de bedrijven 'nog werk aan de winkel is'. 'Er zijn nog altijd ondernemingen die liever geen allochtonen aannemen, omdat ze bang zijn voor de reactie van hun werknemers of hun klanten.' Maar voor de rest loopt zijn analyse opvallend vaak gelijk met die van de Voka-mensen. 'De dynamiek van de studiekeuzes van jongeren is niet goed. Zowel bij de leerlingen en hun ouders als bij de leerkrachten is er een groot gebrek aan informatie over de arbeidsmarkt.' Ook hij moet vaststellen dat bijsturen moeizaam gaat. Een van de grootste dromen van Voorhamme is de inrichting van een hoger beroepsonderwijs, dat jongeren uit dit circuit toch nog groeimogelijkheden zou geven. Het decreet laat dat toe. Maar een om budgettaire redenen afgekondigde stop voor nieuwe richtingen maakt dat het voorlopig bij een droom blijft.

Volgens Voorhamme gaat het Antwerpse arbeidsmarktbeleid ook gebukt onder overdreven centralisme vanuit Brussel. 'Zowel de VDAB als het onderwijs lijdt aan de kwaal waarmee veel Vlaamse instellingen kampen. Ze krijgen te weinig beleidsruimte om lokaal snel op de bal te kunnen spelen. De Vlaamse regering claimt dat ze het hele arbeidsmarktbeleid in handen wil krijgen omdat de Vlaamse arbeidsmarkt sterk verschilt van die in Brussel en Wallonië. Dat klopt. Maar erken dan ook de grote verschillen in Vlaanderen. Ga eens kijken in Duitsland. Daar kunnen steden ervoor kiezen een aantal instrumenten zelf in handen te nemen. Dat is geen vraag om blind vertrouwen, wel om meer lokale beleidsruimte, gekoppeld aan accountability.'

Diezelfde accountability moet volgens Voorhamme ook consequent toegepast worden op wie gebruikmaakt van het sociale vangnet. 'Tegenover rechten staat verantwoordelijkheid. Wie een beroep doet op de solidariteit van een samenleving kan het zich niet permitteren zelf niet solidair te zijn.'

Kritiek

VDAB'er Vercruysse wuift de kritiek op zijn instelling niet weg. Maar er is veel ten goede aan het veranderen. 'We hebben ook ingezien dat de versnippering te groot werd. We werken nu veel meer met multidisciplinaire teams. En er zijn duidelijke keuzes gemaakt.' Die houden in dat de 'klanten' consequent georiënteerd worden in de richting van knelpuntberoepen en dat de duur van de opleidingen zo kort mogelijk wordt gehouden. 'Als we weten dat we iemand met een opleiding van drie maanden aan een job kunnen helpen, zullen we niet toelaten dat die drie jaar in het opleidingscircuit zit om zijn droomjob te bereiken. Die droom mag hij natuurlijk blijven nastreven. Maar dan het liefst al werkend.' 'Ook in het rechten- en plichtenverhaal zijn we strikter geworden', klinkt het. Als iemand niet meewerkt, wordt dat consequent doorgegeven aan zijn uitbetalingsinstelling. Vercruysse ontkent niet dat er 'goudzoekers' tussen zijn publiek zitten, mensen wie het enkel te doen is om te profiteren van onze verzorgingsstaat. Maar volgens hem gaat het om een kleine minderheid die minder dan 10 procent uitmaakt van de totale groep.

Blijft de vraag of zijn dienst, en onze samenleving in haar geheel, zo'n toevloed kunnen blijven opvangen. 'Ik reken erop dat er dat najaar toch een regering komt die een maatregelen neemt om de instroom af te remmen. Anders wordt het moeilijk.'

De zorgsector: 'Deze wedloop kan je nooit winnen'

De Antwerpse haven speelt weer volop haar rol als motor van de Vlaamse economie. Maar een groot deel van de Antwerpse werkzoekenden vindt niet of nauwelijks zjin weg naar die bedrijven.

'Wie een beroep doet op de solidariteit van een samenleving, kan het zich niet permitteren zelf niet solidair te zijn', aldus robert voorhamme, Antwerpse schepen van Werk en Onderwijs

Steekkaart antwerpen

> Werkloosheidsgraad: 14,23 procent (Vlaanderen: 6,23%) > Evolutie werkloosheid jaar op jaar: -1,24 procent (Vlaanderen: -8,1%) > Aandeel kansengroepen in werkloosheid: 82,4 procent. (Vlaanderen: 75,3%) > Aandeel allochtonen in werkloosheid: 49,7 procent (Vlaanderen: 24,9%) > Aantal openstaande vacatures: 5.360 > Aantal werkzoekenden per openstaande vacature: 5,8 (Vlaanderen: 4,07)

Cijfers voor stad Antwerpen, juni 2011.

Bron: VDAB

© 2011 Mediafin

< Vorige   Volgende >


1: Home / 2: Biografie / 3: Onderwijs / 4: Werk en economie / 5: Middenstand / 6: Opinie / 7: Kalender / 8: Foto's / 9: Contact