|
Beleef de échte shoppingstad |
|
|
|
19/01/2012 |
Shoppen neemt steeds meer een belangrijke plaats in in de vrijetijdsbesteding van mensen. Zelfs de woordenschat rond het fenomeen shoppen breidt uit. Zo spreekt men liever over een‘beleving', een ervaring waarover je hele week nog kan vertellen tegen collega's en vrienden. We spreken ook over verschillende soorten shoppers. Enerzijds heb je de fun-shoppers. Zij beleven shoppen als een plezierige uitstap die tijd en geld mag kosten. De run-shopper daarentegen ziet shoppen als een noodzakelijk kwaad. Hij zal zo weinig mogelijk tijd proberen te spenderen, zal zijn aankopen heel gericht doen en niet afwijken van wat hij nodig heeft.
Vele nieuwe winkelcentra, die op til staan, noemen zich de zogenaamde fun-shoppingcentra. Een plek waar zowel de fun- als run-shopper zijn gading vindt.
Toch zie ik weinig verschil met de grote projecten die de laatste decennia als paddenstoelen uit de grond verrezen. Het gaat steeds om grote vloeren die zich doorgaans in de periferie bevinden, waar mobiliteit steevast een knelpunt is en waar ruimtelijk-architecturaal ook niet al te hoge scores behaald worden.
Trendonderzoek wijst echter uit dat een groot aandeel van de Belgische bevolking graag buurtwinkels opzoekt omwille van het kleinschalige en gezellige karakter. Mensen willen een persoonlijke aanpak. Daarom is het onbegrijpelijk waarom investeerders, ontwikkelaars en vele lokale besturen blijven geloven in mega shoppingcentra waar wanhopige pogingen om gezelligheid te creëren worden ondernomen.
In een stad zoals Antwerpen is er voor elk soort shopper een plaats. De beleving wordt door alle ondernemers samen gecreëerd, zonder ze op te leggen. De combinaties in het aanbod: van grote retailers en van kleine zelfstandigen, zowel de mainstream als de exclusieve design, de combinatie shoppen en horeca, overgoten door een culturele omgeving maakt onze stad aantrekkelijk bij shoppers. En daar is niet artificieels aan.
|